Welke lange termijn politieke keuzes zijn nodig om de wooncrisis echt op te lossen?

In de verkiezingen voor de Tweede Kamer van 22 november was woningbouw een van de belangrijkste thema’s. Maar komen in de televisiedebatten erover de structurele oorzaken en mogelijke echte oplossingen ervan goed in beeld? De wooncrisis is ontstaan als gevolg van een politieke visie die de “vrije” markt centraal ging stellen en de overheid minder belangrijk wilde maken. Deze zogenaamde neoliberale visie werd richtsnoer van de overheidspolitiek vanaf de kabinetten Kok in de jaren 1990. Vooral de kabinetten Rutte I, II en III hebben vervolgens de bezuinigingen op overheidstaken zo ver doorgevoerd dat door de staat betaalde sectoren, zoals gezondheidszorg en onderwijs, hun functie inmiddels niet goed meer kunnen vervullen. Het afwaarderen van de overheidstaak in deze sectoren en het verschuiven van verantwoordelijkheid naar de “vrije markt” blijken niet te werken. Om na te gaan hoe we de problemen van de woonmarkt misschien beter zouden kunnen aanpakken, is het nuttig om eerst eens te bezien welke veranderingen door neoliberale politiek zijn doorgevoerd.

De staat ging vanaf de jaren 1990 taken afstoten. Sociale woningbouw werd de taak van woningcorporaties, die geen subsidie meer kregen. Beperkende regels voor het verkrijgen van een hypotheek, de hypotheeknormen, werden aanzienlijk versoepeld. Je mocht meer gaan lenen en had minder eigen startkapitaal nodig. Op het verkrijgen van een hypotheek werd zelfs subsidie gegeven: de hypotheekrenteaftrek. Mede als gevolg hiervan zijn de huizenprijzen sinds de jaren 1990 met niet minder dan 365 % gestegen. De hypotheekrenteaftrek is er nog steeds. Bewoners van sociale huurwoningen, ongeveer 42 % van de Nederlandse bevolking, gingen vanaf 2013 meer huur betalen, omdat de woningcorporaties een belasting werd opgelegd, de verhuurdersheffing. De financiële speelruimte van de corporaties om woningen te bouwen werd daardoor fiks aangetast. Zij gingen nog maar half zoveel nieuwe huurwoningen bouwen. Nu inmiddels de wachttijd voor huurwoningen 7 jaar is geworden en een gemiddelde koopwoning nog maar voor een kleine minderheid bereikbaar is, wordt duidelijk dat de ingeslagen koers averechts heeft uitgepakt.

De regering Rutte IV zag het bouwen van een miljoen nieuwe woningen als oplossing. Dat is een lange en kostbare weg. Als het neoliberalisme echter zou worden verlaten, kan de wooncrisis bij de wortel worden aangepakt. Zodat jonge mensen en andere woningzoekenden veel sneller weer tegen acceptabele prijzen een woning kunnen bemachtigen. Hoe kan in deze richting gewerkt worden?

“Als het gaat om het vinden van een passende woning, zijn we een hele generatie aan het afschrijven”, zei Peter Boelhouwer, hoogleraar woningmarkt aan de TU Delft in de Nrc. „Hoe kan dit, vragen mensen me steeds vaker. Ze worden boos, merk ik.” Er zijn veel oorzaken aan te wijzen maar één ding staat vast: het volkshuisvestingsbeleid van de afgelopen decennia heeft de ‘woningnoodramp’ sterk bevorderd. Het aangaan van hoge leningen voor een koopwoning werd gesubsidieerd. En van de woningcorporaties, die sociale huurwoningen bouwen en beheren,  trok de overheid haar handen af. Daardoor kunnen jonge mensen nu bijna niet meer aan een eigen, betaalbare woning komen. Hoe zal dat verder gaan?

Steeds meer burgers verliezen hun vertrouwen in de politiek. De overgrote meerderheid vindt bijvoorbeeld dat de sociale ongelijkheid moet worden aangepakt. Zo bezit de rijkste 10% zelfs 60% van het totale vermogen in Nederland. Woningen zijn een investeringsobject geworden, waarvoor de middengroepen een hoge schuld moeten aangaan. Maar de regeringen aarzelt en lijkt zeker niet van plan om vermogens van de rijkste Nederlanders meer te gaan belasten. 

Kan het ook anders?  Dat we wonen als een grondrecht zien in plaats van als een investering? Grondspeculatie heeft de woningprijzen inmiddels verdubbeld. George Monbiot en Jason Hickel laten zien dat het idee dat je grond kunt bezitten helemaal verweven is met de geschiedenis van kolonialisme en kapitalisme. En met de heerschappij die de Westerse mens denkt te kunnen uitoefenen over de natuur met behulp van techniek en natuurwetenschap. 

De Nederlandse Bank lanceerde in 2021 een voorstel om de vermogenscomponent van woningbezit te gaan belasten. Dat levert op termijn veel goedkopere woningen op. En een eerlijker verdeling van lusten en lasten over kopers en huurders van huizen. Dit idee wordt opmerkelijk genoeg ondersteund door alle grote banken van Nederland. Zij schreven samen met economen van alle grote universiteiten een rapport waarin zij dit onderbouwen. Ook de rol van gemeenten en gemeentepolitiek komen daarbij aan de orde. De stijging van de huizenprijzen gaat ten koste van  de beschikbaarheid van huizen.  De Nederlandse Bank wil de verhoging van de vermogensbelasting op huizen gebruiken om de inkomstenbelasting te verlagen. Vrijwel iedereen gaat er daarom op de langere termijn op vooruit, Zie de afbeelding hieronder.

Met een gerichte aanpak van de nodige grote systeemveranderingen in Nederland kunnen we een heel eind komen. Dat is hoopgevend. Maar daarvoor is wel de moed nodig om oneerlijke machtsverhoudingen aan te pakken. En om over de grenzen van het eigen partijbelang heen te denken.

Bronnen:

Het bizarste idee dat de mens ooit bedacht: dat je een stukje grond kunt bezitten, George Monbiot, De Correspondent, 4 november 2021

Hoe de overheid zelf de woningnood creëerde, Bernard Hulsman en Sam de Voogt, Nrc 16-04-2020, https://www.nrc.nl/nieuws/2020/04/16/hoe-de-overheid-zelf-de-woningnood-creeerde-a3996946

Jason Hickel, Minder is meer; hoe degrowth de wereld zal redden. De groeidwang van het kapitalisme maakt haar onverenigbaar met een ecologisch verantwoorde toekomst.

Plaats een reactie